De
onwaarschijnlijke beloften
van het Zero Point Field
Stuur dit bericht
naar een vriend
Tijn
Touber
Dit
verscheen in Ode nummer: 61
Het
verhaal dat u op het punt staat te lezen, heeft voor
nogal wat beroering op onze redactie gezorgd. Het onderwerp
raakt aan alles, maar dan ook wØrkelijk álles
wat wij, mensen, in ons leven doen. Dat is confronterend,
verontrustend en hoopgevend tegelijk. Maar dat was niet
de enige reden voor de beroering. Ook was er voortdurend
discussie over de wijze waarop het onderwerp geïntroduceerd
moest worden. Immers, schrijven over een energieveld
dat mens en materie met elkaar verbindt en dat alles
en iedereen voortdurend beïnvloedt, tja, dat is
nu eenmaal wat minder eenvoudig dan het gemiddelde onderwerp
in een krant of tijdschrift.
Tijn
Touber, die zich wekenlang opsloot om dit wonderlijke
verhaal te schrijven, moet in die periode meerdere malen
wanhopig zijn geraakt. Niet alleen van onze commentaren
en de gesprekken die we voortdurend met elkaar voerden,
maar ook en vooral vanwege de complexe materie. De woorden
van Niels Bohr, de befaamde Deense natuurkundige, hadden
ons kunnen waarschuwen: 'Iedereen die n'et is geschokt
door de kwantumtheorie heeft het niet begrepen.'
Dit,
beste lezer, is een waarschuwing. Maar er is troost:
mocht u het verhaal op enig moment niet meer kunnen volgen,
u bevindt zich in goed gezelschap. Houdt u vast. (Of
liever: laat los.)
-
De redactie
Shireen
Strooker staat roerloos in het midden van een groot weiland.
Om haar heen staan zeshonderd mensen. Het schitterende
landschap onder de rook van de machtige vulkaan Mount Rainier
in het uiterste noordwesten van de Verenigde Staten is
voor haar onzichtbaar. Shireen is geblinddoekt, evenals
al die anderen in het weiland. Die ochtend hebben ze allemaal
een tekening gemaakt. De honderden tekeningen hangen nu
op het hek langs het weiland. De opdracht: vind geblinddoekt
je eigen tekening.
Shireen
doet een meditatieoefening, haalt haar tekening voor de
geest en denkt: 'Ik ben de maker van de tekening en de
toeschouwer, ik moet alleen maar ØØn worden met de tekening,
dan trekt die mij vanzelf naar zich toe.' Dan loopt ze,
zonder tegen iemand op te botsen, dwars over het veld ens haalt
in ØØn keer haar tekening tussen de zeshonderd anderen
vandaan.
Toeval?
Puur geluk? Je zou het denken. Maar die ochtend is Shireen
niet de enige die deze onwaarschijnlijke prestatie verricht.
De resultaten van deze oefening van de leerlingen van de
Ramtha's School of Enlightenment verslaan de wetten van
de empirische kansberekening. Kennelijk is de mens in staat
op een ontastbare wijze met materie te 'communiceren'.
Het lesprogramma van deze bijzondere school wil bewijzen
dat verschijnselen als telepathie en helderziendheid geen
mysterieuze fenomenen zijn, maar gaven die elk mens bezit
en kan ontwikkelen. Er is meer tussen hemel en aarde dan
wij kunnen vastpakken, luidt de ongeschreven slogan van
het curriculum van Ramtha's school.
Er
zijn meer scholen en stromingen die deze boodschap de afgelopen
decennia hebben verkondigd. Sterker nog: de nieuwe tijdsbeweging
is op dit uitgangspunt gegrondvest. Maar het boeiende is
dat de harde wetenschap van de moderne natuurkunde bewijzen
begint aan te dragen voor het bestaan van een alomvattend
energieveld, dat een verklaring zou kunnen bieden voor
het wonder van een geblinddoekte vrouw die haar eigen tekening
te midden van zeshonderd andere vindt.
Onderzoeksjournaliste
Lynne McTaggart geeft
in haar boek The Field (HarperCollins, 2001) een overzicht
van recente wetenschappelijke ontdekkingen die aantonen,
dat er een allesomvattend energieveld bestaat dat mens
en materie met elkaar verbindt. Op zoek naar het hart
van de materie - naar het allerkleinste deeltje - ontdekken
natuurkundigen de bijzondere eigenschappen en mogelijkheden
van dit veld. Het zogenaamde Zero Point Field - zo genoemd
omdat er bij het absolute nulpunt nog steeds energie
meetbaar is - lijkt de verklaring aan te dragen voor
talrijke bekende verschijnselen en processen die de wetenschap
tot dusver voor raadselen stelde. Van zwaartekracht tot
elektromagnetisme en van de spontane genezing van een
wond tot helderziendheid en telepathie: het zijn allemaal
verschijnselen die hun oorsprong vinden in dit kwantumveld.
McTaggart
schrijft: 'Onderzoekers ontdekken dat het Zero Point Field
de blauwdruk bevat van ons bestaan. Alles en iedereen is
met elkaar verbonden door middel van dit veld waarin alle
informatie van alle tijden zou zijn opgeslagen. Uiteindelijk
kun je alles - van mensen tot materie - terugvoeren op
een verzameling van elektrische ladingen die voortdurend
in contact staan met deze oneindige zee van energie. Onze
interactie met dit veld bepaalt wie wij zijn, worden en
waren. Het veld is de alfa en omega van ons bestaan.'
Een verbinding
tussen materie en geest staat haaks op de wetenschappelijke
fundamenten waarop de moderne samenleving is gegrondvest.
Ons denken wordt immers nog steeds sterk bepaald door het
mechanistische wereldbeeld dat Isaac Newton in de zeventiende
eeuw introduceerde. Newton zag het universum als een machine
met losse onderdelen die een beperkte invloed op elkaar hebben.
RenØ Descartes voegde daar nog eens zijn visie aan toe, dat
de menselijke geest is afgescheiden van de levensloze materie
die we 'lichaam' noemen. In het denken van Newton en Descartes
draait de wereld gewoon door - of wij mensen er nu wel of
niet zijn. Wij doen er niet veel toe.
De
evolutieleer van Darwin versterkte het beeld van de eenzame,
afgescheiden mens. Het ging om eten en gegeten worden. De
mens bleek een evolutionair toeval zonder bijzondere betekenis.
Maar er bleven grote vragen: hoe begint het leven, hoe werkt
onze geest, waarom worden wij ziek, hoe ontwikkelt ØØn cel
zich tot een volledig mens et cetera. Vele wetenschappers
zochten antwoorden op deze vragen in de religie, maar dat
bracht hen in conflict met zichzelf. Hoe kun je twee zo tegenstrijdige
levensvisies binnen jezelf verenigen?
De
eerste aanwijzingen voor een mogelijke brug tussen spiritualiteit
en wetenschap, voor het bestaan van een allesverbindend
energieveld, kwamen - opmerkelijk genoeg - uit natuurkundige
ontdekkingen aan het begin van de vorige eeuw. De Duitse
natuurkundige Max Planck toonde in 1911 aan, dat er tussen
de atomen een energierijke 'lege ruimte' bestond. Maar
omdat hij vaststelde dat dit energieveld er altijd en overal
is, beschouwde hij het als een constante zonder invloed
op het materiële bestaan.
Andere
pioniers van de kwantumfysica ontdekten dat je de meest
elementaire bouwstenen van de materie eigenlijk niet eens
'materie' kunt noemen. Soms gedroegen deze bouwstenen zich
als deeltjes, dan weer als golven en soms als beide tegelijk.
In 1927 noemde Werner Heisenberg dit het 'onzekerheidsprincipe'.
Subatomaire deeltjes bleken geen solide objecten te zijn,
maar vibrerende energiepakketjes die als losse onderdelen
niet eens kunnen worden gekwantificeerd of begrepen. Een
grotere breuk met het Newtoniaanse denken was nauwelijks
denkbaar. Op dit elementaire niveau leek niets vast te
staan, er was slechts sprake van oneindig veel mogelijkheden.
Bovendien
bleken deze deeltjes pas een specifieke vorm te krijgen
als ze werden geobserveerd door een toeschouwer. Aandacht
van een mens deed een deeltje 'bevriezen'. De onderzoekers
kwamen tot de verbijsterende conclusie dat bewustzijn werkelijkheid
creëert en Einstein vroeg zich af of de maan eigenlijk
wel bestaat als we er niet naar kijken.
De
natuurkundigen zagen ook dat deeltjes die ooit met elkaar
verbonden waren geweest - bijvoorbeeld binnen een molecuul
- altijd en overal met elkaar verbonden blijven en elkaar
instant - dus sneller dan het licht - en over grote afstand
beïnvloeden. Dit zogenoemde 'non-lokaliteitsverschijnsel'
wees erop dat de dimensies tijd en ruimte elementair niveau
niet zouden gelden. Einstein sprak over 'spookachtige verbindingen
op afstand'.
Einstein
en zijn tijdgenoten slaagden er niet in de nieuwe ontdekkingen
van de kwamtumfysica te verenigen met de Newtoniaanse werkelijkheid
die zij om zich heen zagen en konden vastpakken. Hun oplossing
was een wetenschappelijk gedrocht: voor de wereld van de
kleine deeltjes golden andere wetten dan voor de wereld
van de grotere materie. Tegelijkertijd zochten deze wetenschappers
hun toevlucht veelbetekenend tot spiritueel-religieuze
teksten. Erwin Schr-dinger bestudeerde bijvoorbeeld het
hindoeïsme, Heisenberg verdiepte zich in de Platonische
theorie van de oude Grieken en Niels Bohr wendde zich tot
de tao en Wolfgang Pauli tot de kabbala.
Wat
een eeuw geleden nog niet lukte, lijkt nu mogelijk. De
theorie van het alomvattende Zero Point Field zou wel eens
de definitieve brug kunnen slaan tussen spiritualiteit
en wetenschap. Einstein kon het nog niet bewijzen, maar
vermoedde het wel, toen hij zei dat 'het veld de enige
realiteit is'. Zo kan het veld de verklaring bieden voor
de instant, 'spookachtige' informatie-overdracht tussen
kwantumdeeltjes. Uiteenlopende wetenschappelijke ontdekkingen
wijzen in dezelfde richting.
Bioloog
Paul Pietsch van de universiteit van Indiana in de Verenigde
Staten wilde weten op welke plaats in de hersenen herinneringen
worden opgeslagen. Pietsch deed experimenten met salamanders.
Eerst leerde hij ze bepaalde gedragingen. Vervolgens takelde
hij hun hersenen zodanig toe, dat hun herinnering vernietigd
zou moeten zijn. Hij maalde de hersenen onder meer in een
worstmolen en plaatste ze daarna terug in hun kop. Wat bleek?
Na verloop van tijd vertoonden de salamanders opnieuw het
aangeleerde gedrag. Ofwel: de hersenen waren kapot, maar
de herinnering leefde voort. Pietsch concludeerde dat herinnering
geen lokaal fenomeen is, maar op de een of andere manier
is verbonden met iets - een energieveld? - buiten de salamanders
waaruit zij hun herinnering 'ophalen'.
Neuro-anatoom
Harold Burr van de universiteit van Yale ontdekte het veld
op een andere wijze. Hij onderzocht in de jaren veertig
van de vorige eeuw lichtvelden rondom levende organismen
en ontdekte dat jonge salamanders een lichtveld om zich
heen hebben in de vorm van een volwassen salamander. Deze
'blauwdruk' blijkt zelfs rondom een onbevrucht ei al aanwezig.
Ook bij zaadjes van planten zag Burr lichtvelden in de
vorm van de volwassen plant. Deze velden kunnen verklaren
waarom je bij salamanders een poot, een kaak of zelfs de
lens van het oog kunt amputeren en dat dit lichaamsdeel
vervolgens weer aangroeit.
Salamanders
hebben mogelijk een opmerkelijk sterke verbinding met het
hen omringende energieveld, maar het verschijnsel is ook
bij mensen niet onbekend. Mensen bij wie lichaamsdelen
zijn geamputeerd, kunnen soms nog de (fantoom)pijn in het
geamputeerde lichaamsdeel voelen. Ook het werk van Burr
wijst erop dat lichamen - materie - zijn verbonden met
een omhullend energieveld.
En
waar halen helderzienden hun kennis vandaan? Dat
vroeg natuurkundige Hall Puthoff van de universiteit
van Stanford in de Verenigde Staten zich af. Hij deed
verschillende experimenten met twee helderzienden waarbij
hij hen de co-rdinaten van een plaats op aarde gaf waar
zij nog nooit waren geweest. De helderzienden bleken
onafhankelijk van elkaar in staat de plekken tot in detail
te beschrijven. Om te zien hoe ver hun helderziendheid
reikte, vroeg Puthoff hen ook de planeet Jupiter te beschrijven
voordat de ruimteverkenner Pioneer 10 van Nasa de planeet
in kaart zou brengen. Enigszins gegeneerd meldde helderziende
Ingo Swann dat hij een ring om de planeet had gezien.
'Misschien', zei hij tegen Puthoff, 'heb ik mijn aandacht
per ongeluk op Saturnus gericht.' Niemand nam de tekening
serieus, totdat de Nasa enige tijd later onthulde dat
beelden van de ruimteverkenner hadden aangetoond, dat
Jupiter inderdaad een ring had.
Inmiddels
was de CIA geïnteresseerd geraakt in de bijzondere
resultaten van Puthoffs onderzoek, dat wellicht ook voor
spionagedoeleinden kon worden gebruikt. Bij wijze van experiment
werd CIA-agent Christopher Green met een vliegtuigje de
lucht ingestuurd. In zijn binnenzak had hij een briefje
met daarop drie getallen. Geen probleem voor helderziende
Pat Price, die de getallen feilloos - en in de juiste volgorde
- kon opsommen. Hij had zich alleen wat misselijk gevoeld.
Later bleek dat Green een turbulente vlucht had gehad.
Vervolgens
deed Puthoff experimenten waarbij hij mensen op reis stuurde
naar willekeurige co-rdinaten op de aarde en hen vroeg om
die locatie in een kwartiertje met een camera vast te leggen.
Ook moesten ze een meegegeven vragenlijst invullen. In vrijwel
alle gevallen wisten de helderzienden de locaties aan de
hand van de gegeven co-rdinaten duidelijk te beschrijven.
Puthoff
ging nog een stap verder. Hij vroeg de helderzienden de
locatie te beschrijven vóórdat de
reizigers ter plekke arriveerden. Ook dat lukte. De helderzienden
bleken in staat de bestemming te beschrijven, een half
uur tot vijf dagen vóórdat de reiziger
arriveerde. Puthoff concludeerde daaruit dat tijd en ruimte
op het niveau van het Zero Point Field niet bestaan. De
informatie is kennelijk al beschikbaar vóórdat
de feitelijke handelingen plaatshebben. In totaal deed
Puthoff 336 vergelijkbare experimenten, waarbij het voor
de helderzienden vrijwel niets uitmaakte of de reizigers
al wel of nog niet op de locatie waren geweest.
Natuurkundige
Helmut Schmidt deed
een ander opmerkelijk experiment waaruit de tijdloosheid
van het energieveld blijkt. Hij zette zijn proefpersonen
een koptelefoon op hun hoofd en liet hen via een machine
bliepjes horen. De bliepjes waren willekeurig en gelijkmatig
verdeeld over het linker- en rechteroor. De opdracht
aan de deelnemers was: zorg dat er meer bliepjes in ØØn
van beide oren worden geproduceerd. In vrijwel alle gevallen
slaagden de proefpersonen daarin. Ofwel: mensen waren
in staat - zonder direct tastbare relatie - de machine
te beïnvloeden. Ook Schmidt concludeerde dat er
kennelijk een veld bestaat dat mens en machine verbindt.
Zijn
volgende experiment onderstreepte dat nog eens op haast
bizarre wijze. Hij gaf een proefpersoon een tape met bliepjes
mee naar huis met de opdracht de opnamen op de tape te
beïnvloeden en meer bliepjes naar het linkeroor te
sturen. Schmidt maakte voor zichzelf een kopie van de tape.
De volgende dag bleken de bliepjes op de tape inderdaad
ongelijkmatig in het voordeel van het linkeroor te zijn
verdeeld. Tot verbijstering van Schmidt bleek dat ook op
de kopie het geval, terwijl hij niet beter wist dan dat
de machine - zoals gebruikelijk - de bliepjes gelijkmatig
over beide oren had verdeeld.
De
enige mogelijke conclusie voor Schmidt was, dat de toekomstige
intentie van de proefpersoon reeds op het moment van opname
zijn invloed had gehad. Zoals de kleine salamander weet
dat hij een grote salamander moet worden, zo weet de proefpersoon
van Schmidt al - voordat het hem feitelijk wordt gevraagd
- dat hij de opname van de bliepjes zal beïnvloeden.
Verleden, heden en toekomst vloeien in het energieveld
kennelijk ineen.
Psychologe
Ellen Langer van de universiteit van Harvard liet in een
ander experiment zien dat tijd een relatief begrip is.
Een groep van mensen boven de zeventig werd naar een afgelegen
plek gebracht waar een omgeving was geschapen die een exacte
replica was van het jaar 1959. De meubels waren erop afgestemd,
ze kregen films uit 1959 te zien en zelfs de kranten en
tijdschriften die ze ontvingen, waren uit die tijd. Binnen
een week was er in de feitelijke symptomen van veroudering
van deze groep mensen een ommekeer te zien. Hun vingergewrichten
werden beweeglijker en hun gezichtsvermogen werd beter.
Omdat de deelnemers, zo concludeerde Langer, dezelfde mentale
informatie kregen als in 1959, begon hun lichaam zich weer
aan te passen aan de fysieke toestand van destijds. Een
van de mogelijke verklaring is dat de zeventigers contact
maakten met hun eigen energetische blauwdruk uit 1959,
waarna het lichaam zich hiernaar voegde.
De
Indiase arts en auteur Deepak Chopra formuleert
het zo: 'Tijd is afhankelijk van onze gewaarwordingen.
Het bestaan van de voortgaande beweging van de lineaire
tijd is in geen enkel experiment aangetoond en nooit
in een wiskundige formule beschreven. De ervaring van
de voortgaande beweging van de lineaire tijd is een verschijnsel
dat is gecreëerd door ons zenuwstelsel. In feite
bestaan verleden, heden en toekomst tegelijk, naast elkaar,
in een veld van oneindige mogelijkheden. De ervaring
van de lineaire tijd is de manier waarop de natuur ons
ervoor behoedt alles tegelijk te ervaren. Maar dat is
wat er werkelijk gebeurt.' Einstein zei het nog kernachtiger:
'Ruimte en tijd zijn niet omstandigheden waarin wij leven,
maar manieren waarop wij denken.'
In
de resonantie met het veld bestaat er geen verschil tussen
een herinnering en een nieuwe ervaring. De hersenen halen
'oude' en 'nieuwe' informatie op dezelfde manier op. Dit
verklaart het gedrag van de salamanders. De hersenen waren
vrijwel vernietigd, maar de 'herinnering' was niet verloren
gegaan; deze lag nog opgeslagen in het veld. Ook intuïtie,
helderziendheid, voorgevoelens, telepathie en andere 'onverklaarbare'
fenomenen worden begrijpelijk door het Zero Point Field
als opslagplaats van informatie te zien waarop elk mens
op elk moment kan afstemmen. Is dat wat Nostradamus deed
toen hij de toekomst 'zag'?
Een
van de eerste wetenschappers die inzag dat het Zero Point
Field wel eens de ontbrekende schakel zou kunnen zijn voor
ons begrip van het universum, was de Hongaarse systeemdeskundige
Ervin Laszlo. In zijn boek The Creative Cosmos uit 1993
schrijft hij dat het veld meer is dan een massa zinderende
energie op de achtergrond van ons bestaan. Volgens Laszlo
is het Zero Point Field vooral ook een informatiedrager.
'Dit kwantumvacuÈm is de oorsprong van geest en materie
- een blauwdruk van het universum. Zelfs onze eigen herinneringen
liggen niet in onze hersenen opgeslagen, maar liggen als
holografische informatie opgeslagen in het veld. Onze hersenen
zijn vooral ontvangers en verwerkers van deze informatie.
Wanneer zij resoneren met bepaalde frequenties krijgen
zij toegang tot specifieke informatie.'
Bent
u daar nog?
U heeft
zojuist gelezen dat tijd niet bestaat en dat een mens een
machine kan beïnvloeden. En dat in een wereld waarin
de computer vanwege zijn onbetwiste rechtlijnigheid wordt
geacht altijd gelijk te hebben. Toch gaat het hier nog steeds
over natuurkunde en over wetenschappelijke, verifieerbare
experimenten. Al deze experimenten en verschijnselen wijzen
erop, dat de spookachtige ontdekkingen van de kwantumfysica
veel meer van invloed zijn op onze dagelijkse werkelijkheid
dan de pioniers van een eeuw geleden aanvankelijk dachten.
Bestaat het universum volgens de wetten van Newton nog wel?
Blijkt de wereld niet een dynamisch web waarin alles en iedereen
met elkaar is verbonden? Betekent dat dat mijn leven heel
anders in elkaar zit dan ik dacht?
Mijn
leven? Bestaat er wel zoiets als een 'ik', afgescheiden
van zijn omgeving?
Wat
betekent individualiteit nog als alles met elkaar is verbonden
en zelfs onze eigen herinneringen voor iedereen toegankelijk
zijn? Om het nog spannender te maken: die atomen die op
allerlei wijzen met elkaar en met het universum in contact
staan, vormen zo nu en dan tijdelijk ons lichaam. Elke
zeven jaar zijn alle cellen in ons lichaam vernieuwd; geen
atoom is meer dezelfde. En wie weet met welke informatie
die nieuwe atomen zich in ons lichaam nestelen? 'Individualiteit',
'ik' en 'mijn' worden zo wel heel beperkte begrippen. Niet
de afgescheidenheid die wij dagelijks denken te ervaren,
staat centraal in ons leven, maar de alomvattende verbinding.
Deze
wetenschappelijke ontdekkingen kunnen ook het merkwaardige
verschijnsel verklaren, dat mensen in een ziekenhuis sneller
genezen als willekeurige mensen op een willekeurige plaats
in de wereld dagelijks voor hen bidden, zoals uit onderzoeken
is gebleken. En de verbondenheid van het Zero Point Field
lijkt ook te kunnen worden geconcludeerd dankzij het minstens
zo bizarre fenomeen dat met orgaantransplantaties bepaalde
'herinneringen' van de voormalige eigenaar van het orgaan
meegaan naar het nieuwe lichaam.
Als
ik bid voor mensen worden ze beter. Het omgekeerde zal
ook wel het geval zijn. Ik besef dat het in mijn eigen
belang is om mijn omgeving met zorg en respect te behandelen.
Op de een of andere manier dragen we allemaal de verantwoordelijkheid
voor het veld dat ons allen verbindt. En voor de werkelijkheid
die we met elkaar maken
De
tweede betekenis van het Zero Point Field voor mijn leven
is ten minste zo ingrijpend als het inzicht dat afgescheidenheid
eigenlijk niet bestaat:
Ik
maak mijn eigen werkelijkheid.
Zoals
ik kennelijk een machine kan beïnvloeden, kan ik alle
materie om mij heen beïnvloeden. Sterker nog: ik doe
niet anders, inclusief de materie van mijn eigen lichaam.
Als ik de werkelijkheid maak, dan is de wereld niet zoals
hij is, maar zoals ik dØnk dat hij is. Mijn denken bepaalt
de werkelijkheid.
Toen
arts en meervoudig karatekampioen Roy Martina op een feestje
voor de grap door een vriend van achteren werd aangevallen,
was zijn natuurlijke reactie de man in de houdgreep te
nemen, waarop de vriend zijn vinger brak. Onder het motto
'wat je breekt, zul je maken' besloten zij een experiment
te doen. Zij wisten dat Aboriginals erin slagen breuken
vrijwel instant te genezen. Martina: 'Wij dachten: als
zij dat kunnen, kunnen wij het ook. Wij stemden af op het æAboriginalveldà en
stuurden die energie naar de gebroken hand. Een paar dagen
later kon mijn vriend weer volleyballen. Op scans was geen
breuk meer te zien.'
In
zijn beroemde boek Think and Grow Rich uit 1937 laat Napoleon
Hill zien, dat succesvolle mensen hun succes vooral te
danken hebben aan het feit, dat zij er op het diepste niveau
van overtuigd waren dat zij succes zouden hebben. Succesvolle
mensen, concludeert Hill, geloven heilig in hun doel en
weten niet beter dan dat zij dat zullen verwezenlijken.
Door hun gerichte aandacht op dat doel, materialiseert
dat doel - zoals in natuurkundige experimenten alleen deeltjes
die aandacht krijgen zichtbaar worden.
De
derde les van het veld voor mijn leven is dat in beginsel
alles kan.
Alle informatie
is beschikbaar in het Zero Point Field. Het is mijn uitdaging
- en die van ons allemaal - om het mooiste eruit te halen.
Het is zoals Michelangelo het ooit zei over beeldhouwen:
'Het beeld zit al in het marmer, ik hoef het er alleen maar
uit te halen.' Ik ervaar soms hetzelfde als ik een verhaal
schrijf en woorden op mijn beeldscherm zie verschijnen waarvan
ik me nauwelijks bewust ben, dat ik ze heb bedacht. Ik haal
zinnen, die ik niet bewust ken of bedenk, zomaar ergens vandaan
- uit het veld? Inspiratie heet dat. Maar in feite is die
'inspiratie' geen onverklaarbaar verschijnsel meer, maar
een bewijsbaar natuurkundig fenomeen.
Mozart
hoorde tijdens zijn bezoek aan de Sixtijnse Kapel in Rome
het beroemde stuk Miserere van Allegri. Dat stuk wordt
slechts eenmaal per jaar ten gehore gebracht - tijdens
de Goede Week - om vervolgens weer voor een jaar achter
slot en grendel te verdwijnen. Mozart was in staat het
werk - nadat hij het ØØn keer had gehoord - uit het hoofd
te noteren, waarmee hij de geheimzinnige ban rondom het
werk doorbrak. Ervin Laszlo zegt daarover: 'Mozart en andere
componisten van zijn kaliber waren niet alleen. Zij hadden
toegang tot het veld en stonden op die manier in contact
met meesterwerken.'
Kunstenaars
zijn eerder vertolkers en vertalers dan scheppers. Hun
talent is geen wonder, maar iets dat in beginsel iedereen
kan leren. Het is een kwestie van afstemmen op het veld.
Op
een Grieks eiland zit Shireen Strooker met haar echtgenoot
Bram Vermeulen op het terras van een cafØ aan een tafeltje
in de zon. Midden op de tafel staat een koffertje, zodat
zij elkaar niet kunnen zien. Bram kijkt op een stuk papier
dat voor hem ligt en telt langzaam: 'Een, twee, drie, viers'.
Bij iedere tel schrijft Shireen een plus of een min op
achter het cijfer op haar blaadje. De verbaasde blikken
van omstanders probeert ze te negeren om zich volledig
te concentreren op wat Bram haar 'toezendt': een plus of
een min. Als het blaadje vol is, draaien zij de rollen
om. Zo proberen ze allebei een plus of een min achter hetzelfde
cijfer te krijgen.
In
totaal doen zij dit spelletje die dag elf keer. Volgens
de wetten van de kansberekening zouden Bram en Shireen
vijftig procent gelijke plussen en minnen moeten scoren.
Maar die dag is hun score voor zeventig procent gelijk.
Ze weten dat dat geen toeval is. Ze hebben vaker zulke
resultaten bereikt. Bram en Shireen weten dat je elkaar
kunt bereiken, als je goed afstemt.
Wij
zitten succesvolle afstemming echter vaak in de weg. Shireen:
'Er bestaat een duidelijk verschil tussen concentreren
en afstemmen. Als ik me concentreer, probeer ik met alle
macht door middel van mijn denken iets te bereiken. Meestal
bereik je dan precies het tegenovergestelde. Wat wij ænadenkenà noemen,
is in wezen vooral twijfelen. Je komt in allerlei emoties
terecht - æik kan het niet, wat doe ik hier?Ã - en je bereikt
je doel niet. Afstemmen betekent niet nadenken en contact
maken met de informatie die er al is. Je wordt ØØn met
die informatie en resoneert ermee.'
Shireen
vertelt over een andere oefening die ze een keer deed met
een dikke Amerikaan. Ze stonden tegenover elkaar en keken
elkaar indringend aan. Vervolgens liepen ze beiden naar
de andere kant van een ruimte en Shireen kreeg de opdracht
op te vangen wat de man het liefst at. Haar eerste beeld
was een reep chocolade. Maar - gezien de postuur van de
man - twijfelt ze: 'Het zal wel een hamburger zijn.' Ze
tekent een hamburger en loopt terug naar de man. Fout,
het blijkt een reep chocolade te zijn. Shireen: 'Dat is
wat ik bedoel met nadenken.'
Kinderen
zijn natuurtalenten in afstemmen. Het is opvallend hoe
succesvol kleine kinderen zijn in het tekeningenspel van
Shireen waarmee dit verhaal begon. En ik herinner me dat
ik vroeger verstoppertje speelde met mijn kleine zusje.
Ze telde tot tien buiten de zitkamer, kwam binnen en liep
in ØØn rechte lijn naar mij toe - achter welk gordijn of
onder welke stoel ik me ook verstopte.
Dieren
worden ook niet gehinderd door denken. De Britse biochemicus
Rupert Sheldrake beschrijft vele opmerkelijke verschijnselen.
Een poes die alleen 'de telefoon opneemt' - zij gooit met
haar pootje de hoorn van de haak - wanneer haar baasje
opbelt en alle andere telefoontjes negeert. Of paarden
die weigeren verder te lopen op een pad waar even later
een lawine naar beneden zou vallen. Honden die - tevergeefs
- proberen hun baas te beletten het huis te verlaten waarna
de baas een ernstig ongeluk zou krijgen. Ook zijn verhalen
bekend van dieren die de stad al hebben verlaten vóór
een aardbeving.
Leren
afstemmen op het Zero Point Field, maakt het mogelijk
om bewust te creëren.
Toen
ik destijds een nieuw huis nodig had, creëerde ik
een beeld van dat huis. Ik visualiseerde een huis aan zee
met bossen in de buurt, hoog, veel licht en betaalbaar.
Gedurende enkele weken gaf ik elke dag een moment aandacht
aan die visualisatie, waardoor het energetische beeld in
het Zero Point Field werd verankerd. Het was nog slechts
een kwestie van tijd voor het zou materialiseren. Dat gebeurde
twee maanden later. Nu woon ik in het huis dat ik toen
voor me zag. Met mijn visualisatie stemde ik in feite af
op het Zero Point Field. Door aandacht te geven aan een
beeld kon dat beeld - mijn huis - werkelijkheid worden.
Precies zoals de kleine deeltjes van de natuurkundigen
zich dankzij aandacht manifesteren.
Vroeger
werden dromers uitgelachen door zelfbenoemde verstandige
mensen die met beide benen op de grond stonden. Inmiddels
hebben de dromers de wetenschap aan hun zijde gekregen.
Dromen zijn het begin van werkelijkheid. De toekomst wordt
gemaakt door die toekomst te zien, door erop af te stemmen.
In principe is alles mogelijk.
De
wetenschap draagt een werkelijkheid aan die mijn rationele
geest maar nauwelijks wil bevatten. Hoe kan een mens nu
een machine beïnvloeden? Hoe kan tijd niet bestaan?
Hoe kan ik iets ontastbaars tastbaar maken? Maar ik wóón
in mijn huis en Shireen vónd haar tekening.
De vertwijfeling zal te maken hebben met de kwantumsprong
die mijn rationele geest nu moet maken. Niet voor niets
zei natuurkundige Niels Bohr dat 'iedereen die n'et is
geschokt door de kwantumtheorie het niet heeft begrepen'.
Als
Shireen op een avond thuiskomt, vindt zij een vergeelde
envelop van haar moeder met daarin kopieën van het
in 1947 ontdekte evangelie van Thomas. Hierin zegt Jezus
tegen Thomas: 'Ik ben niet uw Meester, maar u heeft gedronken.
U bent dronken van de bruisende bron waaruit ik heb geput
en u van te drinken geef.' Voor Shireen is het duidelijk
dat Jezus uit dezelfde bron - uit hetzelfde veld - putte
waaruit ook zij nu leert 'drinken'.
Verlichte
wijzen als Jezus doorzagen de schepping. Zij hadden de
wetenschap niet nodig voor hun 'kennis' van het Zero Point
Field. Duizenden jaren later staan wetenschap en spiritualiteit
op het punt om samen te komen. De gevolgen en mogelijkheden
zijn immens. Het wonder van Jezus en andere verlichte denkers
was hun vermogen een betere wereld te zien en vorm te geven.
Zij begrepen: als ik een andere wereld wil, moet ik anders
leren denken. Of,
zoals Gandhi het zei: 'Be the change you wish to see in
the world.'
Wie
denkt dat alleen de Mahatma of Jezus dat kunnen, heeft
nu het wetenschappelijke bewijs van het tegendeel. Ieder
van ons heeft het in zich. Ieder van ons is een schepper.
Ieder van ons kan de wereld veranderen. En dat hoeft geen
eindeloos en moeilijk proces te zijn - denk maar aan de
botbreuken van de Aboriginals. Het kan vandaag. Het kan
nu. Wat is tijd?
|